Al het nieuws

Van onze correspondent
Oranjestad - Zes vakbonden voeren de actiedruk op de regering op. Hun leden gaan vanaf 1 februari twee dagen per maand minder werken als de regering de 12,6 procent salariskorting niet terugdraait. Als de regering hiertegen stappen onderneemt, zullen de vakbonden naar de rechter stappen.

F17 ARU Wever CroesVakbonden Simar (onderwijs), Sada (douane), Seppa (ambtenaren), SPA (politie) en FTA (stichtingen) hebben hun standpunt over korter werken op 5 januari schriftelijk kenbaar gemaakt aan de ministerraad. Op dezelfde dag reageerde premier Evelyn Wever-Croes (MEP) dat het voorstel niet correct is en dat ambtenaren die korter gaan werken, de gevolgen daarvan zullen merken.
De vakbonden kwamen een dag later, op 6 januari, met een reactie op het standpunt van de premier. ,,De regering kan niet van werknemers eisen dat ze hetzelfde aantal uren werken en daar minder geld voor betaald krijgen.” De vakbonden wijzen erop dat de regering het wel toestaat en zelfs oplegt dat het bedrijfsleven in ruil voor minder uren werken werknemers minder salaris betaalt. ,,Het is inconsistent en machtsmisbruik als de regering dit wel aan anderen oplegt, maar zich er zelf niet aan houdt.” De vakbonden vragen om een gelijke behandeling. ,,Wij kunnen niet unilateraal minder uren werken, maar de regering kan wel unilateraal minder salaris uitbetalen. Dat moet ook gelijkwaardig zijn.”
In de brief gebruiken de vakbonden harde woorden. Ze vinden de reactie van de regering ‘buiten proporties, onacceptabel en incorrect’ en het dwingt de vakbonden om naar de rechter te stappen of andere arbeidsrechtelijke stappen te ondernemen. ,,We wijzen de regering op artikel 8 van de Landsverordening tijdelijke versobering bezoldigingen en voorzieningen overheid. Daarin staat dat de regering de plicht heeft om een rapport te schrijven over de effectiviteit van tijdelijke bezuinigingen, zodat de werknemer ziet wat het effect is. De regering heeft tot nu toe niet voldaan aan deze plicht, ondanks herhaaldelijke verzoeken van de vakbonden.”
De impasse tussen de regering en de vakbonden is daarmee nog groter geworden dan het eind vorig jaar al was, toen de vakbonden twee dagen een werkonderbreking organiseerden. ,,We betreuren het dat de regering vasthoudt aan het korten op de salarissen. Wij als vakbonden houden daarom ook vast aan ons standpunt dat deze 12,6 procent korting moet worden ingetrokken.”
De vakbonden schrijven aan minister-president Evelyn Wever-Croes dat, toen de maatregel van de 12,6 procent korting werd ingevoerd, zij hebben voorgesteld dat medewerkers die salaris inleveren gecompenseerd moeten worden door een gelijkwaardig aantal uren niet te werken. ,,Een tegenvoorstel van de regering is tot op heden niet door de vakbonden ontvangen. Daarmee verhindert de regering dat de vakbonden hierover kunnen discussiëren en een oplossing vinden is daardoor ook niet mogelijk.” De vakbonden vinden dat de regering duidelijk heeft laten zien dat ze geen interesse heeft om de impasse over de 12,6 procent op te lossen. Tot die oplossing er is, zullen de leden van Simar, Sada, Seppa, SPA en FTA twee dagen per maand minder werken.
In de brief van 5 januari merken de zes vakbonden ook op dat ze nog steeds wachten op een dag en tijdstip waarop de regering met alle vakbonden om tafel wil. ,,We hebben al eerder aangegeven dat we niet akkoord gaan met het vormen van een commissie. We willen dat alle vakbonden betrokken zijn bij de discussie, zodat iedereen de relevante informatie krijgt.”