In een vorige aflevering gingen wij van de Staten weer terug naar de Raad van Politie en nu wij die periode hebben afgesloten, gaan we weer eens zien wat er in de Staten zoal gebeurde.
Onze partij UNI heeft vanaf het begin een onafhankelijk standpunt ingenomen. Ik bedoel hiermee, dat wij ons niet aansloten bij een politieke partij van Curaçao of Aruba. Toen bekend werd dat op Bonaire een politieke partij was opgericht, kregen wij van diverse kanten ‘huwelijksaanzoeken’. Het was daarom nodig dat wij daarop reageerden en wij schreven een pamfletje in het Nederlands en het Papiaments onder de titel ‘Men is verliefd op ons (Nan ta locamente enamora di nos)’.
Daarin zeiden wij onder andere dat de politieke partijen van Curaçao en Aruba, na enige jaren slaap, weer belang in Bonaire stelden, dat wij op onze eigen benen prefereerden te blijven staan en dat wij zelf in staat waren uit te maken wie er voor ons naar de Staten zou gaan, dat wij natuurlijk steun zouden geven aan die groepen die het algemeen belang zouden voorstaan en dat wij rekenen op die groepen wanneer wij hun steun zouden nodig hebben voor ons eiland.

Punten uit ons programma
En in dit pamflet gaven wij de voornaamste punten van ons program.
Dat wij voorstaan: erkenning, handhaving en eerbiediging van de soevereiniteit van het huis van Oranje, over het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden regerende; een autonomie met als basis de rede van H.M. de Koningin van 6 december 1942; zelfbestuur van de eilanden met instelling van eilandraden; bij ten minste gelijke prestatie, voorkeur te geven aan alhier geborenen bij het benoemen van landsdienaren; bij het benoemen van ambtenaren niet te letten op ras, godsdienst, kleur of politieke richting, doch alleen op bekwaamheid; handhaving van de gelijkstelling van het onderwijs en uitbreiding van studiebeurzen aan minderbedeelde, doch begaafde leerlingen, opdat zij ten spoedigste in staat zijn bestuursfunctie op ons eiland en in de Nederlandse Antillen te bekleden; bevordering van de landbouw in de meest uitgebreide zin en wel speciaal door middel van behoorlijke voorlichting op Bonaire; verdere pogingen om het watertekort op te lossen; versnelde uitvoering van de verbetering van het wegenstelsel; bevordering van de vestiging van nieuwe industrieën in het belang van de werkverschaffing; bevordering van particulier initiatief; betere hygiënische toestanden; bezuiniging op de gouvernementsuitgaven door deskundig toezicht op de besteding van gelden van de begroting; afschaffing van de gebruiksbelasting.
Wij zijn tegen: iedere poging tot het instellen van een openlijke of verkapte dictatuur of andere ondermijning van het democratische parlementaire stelsel; verkwisting van de begrotingsgelden; politieke invloed van Curaçaose of Arubaanse partijen op ons eiland.

Op 17 maart 1949, anderhalve maand na het verschijnen van dit pamflet vonden weer Statenverkiezingen plaats, die wij glansrijk wonnen: T.M. Marchena met 483 stemmen, E.M. Newton met 317 stemmen, UNI met 952 stemmen. Op onze lijst stond Julio Abraham nr. 1 en hij kreeg 229 stemmen en ik stond nr. 3 en kreeg 522 stemmen. Terwijl wij toch in openbare vergadering adviseerden op kandidaat nr. 1 te stemmen. Dit resultaat zat Julio erg dwars.
Wanneer een nieuwe regering was gevormd, werd door de gouverneur aan de Staten gevraagd of die voor de Staten acceptabel was, met het verzoek aan de gouverneur te laten weten ‘dat de Staten van de Nederlandse Antillen geen bedenkingen hebben met betrekking tot de genoemde leden van de Regeringsraad’.
Dan werd steeds door mij gezegd, dat wij de regeringsdaden op hun merites zouden beoordelen en dat wij bereid waren de regering ‘the benefit of the doubt’ te geven, doch dat wij niet zouden aarzelen van onze afkeuring te doen blijken, wanneer wij meenden dat daartoe aanleiding bestond. Daar het een paar maal voorkwam, dat Bonaire het twaalfde lid was dat nodig was om de steun van de Staten aan de regering te geven (12 tegen 10) werd terdege rekening gehouden met Bonaire. Hiervan heb ik nimmer misbruik gemaakt, hoewel dat mogelijk zou zijn geweest. Wanneer ‘Bonaire’ sprak werd er goed geluisterd en behoorlijk gereageerd en dat maakte het werk, dat voor een lid van Bonaire tamelijk zwaar was, dragelijk.

Prettige sfeer
Ik mag hierbij nog wel zeggen, dat de sfeer in de Staten in het algemeen prettig was. Er werden wel steken onder water gegeven, doch meestal zag men de humor ervan in.
De debatten stonden meestal op een hoog peil. Bonaire is een keer vredestichter geweest, toen na een tamelijk heet debat, de heren Henny Eman en Amerlink (ook van Aruba) elkander op de drempel van de Statenzaaldeur bij de stropdassen hadden gegrepen en bezig waren die wat aan te halen. Ik zag in mijn verbeelding de twee Statenleden van Aruba al in stuipen op de grond liggen. Met een vaart sprong ik tussen de twee kemphanen in, haalden hen van elkaar en beloofde hel en verdoemenis als ze zich niet behoorlijk zouden gedragen. Er kwam een daverende ovatie uit de Statenzaal!
In het hoofdstuk Eilandsraad vertelde ik van het rapport van de Commissie ad Hoc, waarin men voorstelde Bonaire als een onderhorige van Curaçao te beschouwen en geen zelfstandigheid toe te kennen, voor het behartigen van zijn eigen zaken. Het telegram dat we toen op 20 april 1949 van een openbare vergadering te Rincon aan de Staten hadden gezonden, kwam op 19 oktober 1950 in de Statenzaal ter sprake toen het Ontwerp Eilandenregeling samengesteld door de meergenoemde Commissie ad Hoc, aan het oordeel der Staten werd onderworpen.
Ik was wel lid van de Commissie, doch opmerkingen van een minderheid werden mijns inziens onvoldoende weergegeven en ik heb toen een rede gehouden over het onderwerp dat in die vergadering behandeld werd. Ik vroeg aan de Staten er mee akkoord te gaan, dat mijn rede aan het rapport van de Commissie zou worden gehecht. Hiermee werd akkoord gegaan.

LodewijkGerharts

Week toppers

Wilt u op ruim 8.000 kilometer van Nederland Nederlandse ochtend-krant bij het ontbijt niet missen? Lees dan de Caribische editie van DE TELEGRAAF
Telegraaf

Het ANTILLIAANS DAGBLAD is de enige lokale Nederlandstalige ochtendkrant van Curaçao, Bonaire, Aruba en Sint Maarten.

antdagblad-logo


Abonnee worden of voor meer informatie over losse verkoop en advertentiemogelijkheden: E-mail of fax: Naam, voorletter(s), straatnaam, huisnummer, telefoon en aanvangsdatum. Abonnementsprijs* is Naf 25,50 incl. OB (abonneren is alleen mogelijk op Curaçao).