De heer Albert Plesman, directeur van de KLM, zei in 1934 ‘dat doen we’ toen hem gevraagd werd of zijn maatschappij ook op Bonaire zou gaan vliegen. En de gouverneur had nog wat lossen centen gevonden om een landingsveld bij Subi Blanco te maken. We waren nu allen in spanning hoe de eerste landing van de Fokker ‘Snip’ zou verlopen.
LodewijkGerhartsHet terrein dat uitgekozen werd, was volgroeid met struikgewas en de weg van Kralendijk naar Rincon liep er doorheen. Het was 475 meter lang en het zou nooit veel verlengd kunnen worden, omdat het terrein, dat aan de oostzijde er op aansloot, tamelijk hellend omlaagging. De deskundigen uit de vliegwereld en Openbare Werken van Curaçao waren van mening dat de Snip wel over het terrein zou kunnen taxieën, doch dat voor de landing en het opstijgen een verharde strook moest worden gemaakt van ongeveer 100 meter lengte. Dat werd gedaan met diabaas, die steving met stampers aangestampt werd.
Oude mensen, die daar in de buurt woonden, waarschuwden ons dat het terrein niet veilig was, want er zouden Urujaans in de regentijd zijn en het vliegtuig zou dan wel eens in kunnen blijven steken. Openbare Werken van Curaçao wuifde deze bezwaren weg. Ik had mij al een beetje met de vliegerij beziggehouden. Op 15 september 1930 maakte ik mijn eerste vliegtocht. Een rondvlucht boven Amsterdam. En dat vliegbewijs werd getekend door de ‘Leider van het vliegveld’ A. Thomson.

De Snip
Vier jaar later, in 1934, was ik te Curaçao en ik wilde met spoed naar Bonaire. In het begin van het jaar was te Aruba de Caribische Vliegdienst opgericht met een zespersoons amphibie transportvliegtuig, die een geregelde dienst tussen Curaçao en Aruba onderhield. Het vlieguig was te Curaçao en de piloot woonde in de Penstraat. Ik daarheen en vroeg of hij te Bonaire op een voetbalveld kon landen.
Oh, ja dat kan best. En of hij mij naar Bonaire wilde brengen. Dan moet ik een paar dagen wachten, want de machine was in reparatie. Ik ben toen maar zeilend naar Bonaire gegaan. Kort daarna verdween de vliegmachine op een tocht van Aruba naar Curaçao, met vier personen aan boord. In december 1934 maakte de Snip de beroemde kerstvlucht naar Curaçao via Marseille, Alicante, Casablanca, Porto Prain (Cape Verde Island), Paramaribo en la Guaira (vliegtijd 55 uur en 58 minuten). Men deed er zeven dagen over. De kerstpost voor Bonaire was aan boord en die werd met de Djalma, een balandra, (één master) naar Bonaire gezonden. Die deed er acht dagen over om Bonaire te bereiken. Ik heb de envelope van de brief met kerstwensen bewaard.

Eerste teken
Het eerste teken van leven van de KLM was een brief van de firma S.E.L. Maduro & Sons, die ons mededeelde dat het tot agente van de KLM was benoemd en dat dit de eilanden Curaçao en Bonaire omvatte. En wij werden belast met het sub-agentschap. Ik hield niet van sub-agentschappen, maar voor de KLM was ik bereid alles aan te nemen. Later zouden we wel verder zien.
Wij gaven de verzekering dat wij ervoor zouden zorgen dat alles vlot zou verlopen op Bonaire. Nu had de gouverneur wel in 1934 toegezegd dat wij een vliegveld zouden krijgen, maar die ambtelijke molens! En die werden zelfs in de Passaatwind langzaam! In de vergadering van de Raad van Politie van 6 februari 1936 vroeg ik hoe het stond met de aanleg van het vliegveld. De voorzitter antwoordde dat deze aangelegheid inbespreking is. De KLM schreef ons direct dat men een mededeling van het Bestuur ontvangen had (op 8 oktober1935), dat de beschikbare gelden niet voldoende waren en dat dit pas in het begin van 1936 in gebruik zou kunnen worden genomen.

Consternatie
Eindelijk was het zover. Op 9 mei 9 uur v.m. zou met de Oriol een proefvlucht ondernomen worden. De Oriol had vroeger een andere naam, namelijk ‘Oehoe’ (Uil) en deze machine had enige schade op Aruba opgelopen bij een minder gelukkige landing. Niemand wilde meer met de ‘Oehoe’ vliegen. Toen de machine omgedoopt werd in Oriol was de foecoe (ongeluksnaam) verdwenen. Met deze machine kregen wij manifesten en dergelijke, en ook twee ticketboekjes, met in totaal vijftig tickets. De proefvlucht gaf een geweldige consternatie op het vliegveld. Er waren naar schatting tussen de 1.000 en 1.200 mensen die deze eerste landing wilden zien.
feuilletonHet vliegveld had geen omheining. In overleg met de politie werd besloten de toeschouwers op de weg naar Rincon te laten staan, zodat er geen gevaar zou zijn als de machine na de landing naar het ‘stationsgebouw’ - een auto - ging rijden.
De Oriol kwam aanvliegen over de Seru Largu. Men hoorde het geluid, doch men zag niets. En toen opeens vloog de machine ongeveer twintig meter boven de toeschouwers naar de verharde landingsstrook. Er brak een paniek uit. De drie motoren van de Fokker maakte een hels kabaal en toen de grote vleugels boven de toeschouwers heen vlogen, nam iedereen de benen. Men vloog door struiken, cactussen, ja overal heen om maar van die machine vandaan te komen, die intussen al veilig op de grond stond.
We wisten toen dat op die plaats nooit toeschouwers zouden moeten staan.

Extra vlucht
Op 12 mei 1936 kregen we bericht, dat op de Eerste Pinksterdag, 31 mei, een extra vlucht werd ingezet van Curaçao naar Aruba en vervolgens naar Bonaire. Op de Tweede Pinksterdag zou wederom een vlucht gemaakt worden om de geboekte passagiers naar Curaçao terug te brengen. Wij konden tenminste tien passagiers boeken voor een retour vlucht (25 gulden per persoon), zouden we acht passagiers boeken dan werd de prijs 30 gulden. We kregen 5 procent commissie. Op 25 mei moesten wij laten weten dat het boeken van tien passagiers niet meeviel. Men wilde eerst wel de kat uit de boom kijken, schreven we. Maar die vlucht zou en moest doorgaan! Wij vroegen aan de KLM zich in verbinding te stellen met de directeur van de Radio- en Telefoondienst te Curaçao, de heer Molenkamp en hem te vragen opdracht te geven tot het plaatsen van een telefoon aan een van de palen die langs de weg stonden.
Er was gelegenheid een rondvlucht boven Bonaire te boeken à 7,50 gulden per persoon doch waar te Curaçao 6 gulden werd betaald, waren hier geen liefhebbers te vinden. Teneinde voldoende passagiers voor die Eerste Pinksterdag te boeken, boekten we vijf personen van het agentschap, drie Fraters, de Pastoor en de Ontvanger. Wij verdienden 9,75 gulden aan provisie; niet veel, maar de KLM vloog! En daar ging het om.

Moedige onderneming
Het reizen per vliegmachine was voor velen, die altijd met een zeilschip hadden gereisd, een moedige onderneming, althans de eerste vlucht. Ik herinner mij dat we een passagier aan boord hadden van Curaçao die zich op twee manieren beschermde. In de ene hand had hij een klein flesje rum en in de andere hand een rozenkrans. Door om de beurt de rozenkrans en het flesje rum te gebruiken, maakte hij, tot zijn voldoening, de vlucht heelhuids mee. Het flesje was bij aankomst leeg; de rozenkrans werd voorzichtig opgeborgen.

 


Week toppers

Het Antilliaans Dagblad is de enige lokale Nederlandstalige ochtendkrant van Curaçao, Bonaire en Aruba. Op Sint Maarten, Sint Eustatius en Saba, alsmede in Nederland en andere landen is een online-abonnement eenvoudig mogelijk via online.ad.cw

antdagblad-logo


Print-abonnee worden of voor meer algemene informatie? Stuur dan een mail naar [email protected]. Met naam, adres en telefoonnummer. Abonnementsprijs is ANG 35,00 inclusief OB per kalendermaand. Print-abonneren is alleen mogelijk op Curaçao.